Werking van de warmtepomp

De werking van de warmtepomp is gebaseerd op een aantal fysische verschijnselen.

  • Bij verdamping wordt er energie onttrokken aan een medium (bv kokend water)
  • Bij condensatie wordt er warmte afgegeven. (Bij condensatieketels wordt warmte onttrokken aan de rookgassen die door de schouw gaan).
  • Hoe hoger de druk bij een vloeistof, hoe hoger de temperatuur zal zijn, waarop de vloeistof in gasvorm (damp) overgaat.
  • De temperatuur van een gas stijgt bij een toenemende druk.

De gebruikte koelvloeistof heeft een erg laag kookpunt, dat bij gewone druk een stuk lager is dan de temperatuur van het  medium dat gebruikt wordt als bron. Dit betekent dat de koelvloeistof bij lage temperatuur verdampt en warmte onttrekt aan de warmtebron. Door dit gas onder druk te zetten verhoogt de temperatuur en het kookpunt zodanig dat dit gas aan een hogere temperatuur zal condenseren. Tijdens het condenseren wordt de warmte afgegeven aan het interne verwarmingssysteem.

Om terug te keren naar de begintoestand wordt de druk verminderd, door middel van de ontspanner of het expansieventiel. Zo is de warmtepomp klaar voor een nieuwe cyclus.

De warmte die binnen wordt afgegeven, is de som van de warmte uit de omgeving (bodem, lucht, water) en de elektrische energie die hier werd aan toegevoegd (compressor-energie). Hoe minder energie u hier moet aan toevoegen hoe hoger het rendement van uw installatie.

Mocht u overwegen om een warmtepomp te plaatsen, vergeet niet dat heel wat warmtepompen werken op drijfkracht. Bekijk of deze voorhanden is in uw straat. Is dit niet het geval zal u een transformator moeten installeren wat tot extra energieverlies zal leiden

 

© 2008 Groep Arco - gebruiksvoorwaarden -
website: kixx / brainlane.com
© Groep Arco - 2008