De compressor is de enige energieverbruiker bij een warmtepompsysteem. Wanneer de compressor draait gebruikt die elektriciteit, en in hogere mate wanneer een hogere watertemperatuur nodig is. De energiezuinige werking van de warmtepomp hangt af van de mate waarin het energieverbruik van de warmtepomp kan beperkt worden. Als de gewenste temperatuur voldoende laag is (bij degelijke isolatie), zal de pomp minder moeten werken.
Het energieverbruik wordt dus in grote mate bepaald door het verschil tussen enerzijds de temperatuur van de warmtebron en anderzijds de temperatuur, die nodig is om het huis te verwarmen.
In de loop van het stookseizoen kan het rendement fluctueren, afhankelijk van de al dan niet strenge winter. Op het einde van de winter is de bodem sterker afgekoeld en daalt het rendement. Hoe constanter de temperatuur van de warmtebron, hoe beter voor het rendement. Door grondwater als warmtebron te nemen, krijgen we dus een beter rendement, vermits water uit de diepere ondergrond op een vrij constante temperatuur blijft.
De temperatuur die nodig is om het huis te verwarmen, hangt af van de buitentemperatuur en van de isolatiegraad van de woning. Een warmtepomp is enkel verantwoord in zeer goed geïsoleerde en bij voorkeur luchtdichte woningen.
De opbrengst van een warmtepomp wordt weergegeven via het COP vermogen (= Coefficient Of Performance). Een duurzame warmtepomp levert voor elke door de compressiepomp verbruikte kilowattuur, een nuttige warmte tussen 2,5 en 6 kilowattuur. Bij een elektrische kachel bedraagt de COP 1 omdat één kilowattuur elektriciteit maximaal 1 kilowattuur nuttige warmte kan opleveren.
Naast de COP is er ook een SPF (= Seasonal Performance Factor). Dit is de prestatie van een warmtepompsysteem gedurende het ganse verwarmingsseizoen. Hierbij wordt naast het energieverbruik van de pomp, ook rekening gehouden met het volledige systeem. Het betreft hier voornamelijk de circulatiepompen.
De SPF is altijd lager dan de COP. We kunnen op deze manier verschillende systemen met elkaar vergelijken (water, grond, lucht). Hogeschool De Nayer Instituut uit Sint Katlijne Waver heeft proeven uitgevoerd, waaruit is gebleken dat een warmtepomp, met grondwater als warmtebron, het beste rendement geeft. Een warmtepomp met een verticale grond-warmtewisselaar geeft het minst goede resultaat. Om een beter resultaat te baheln dan een condensatieketel, moet de SPF minstens 2,5 à 3 bedragen. De drie geteste systemen voldeden aan deze voorwaarde.